Steun ons en help Nederland vooruit

Jeugdzorg

Bij de uitvoering van de jeugdzorg stelt D66 nadrukkelijk het kind centraal. Als het noodzakelijk is voor het kind, kan hulp verplicht worden opgelegd. PGB (persoons gebonden budget) en ZIN (zorg in natura) staan naast elkaar als twee volwaardige manieren om de zorg aan de jeugdige in te gaan richten, zowel in de specialistische jeugdzorg, de ambulante zorg en de crisisopvang.  Jeugdzorg is maatwerk.

De decentralisatie van de jeugdzorg is op 1 januari 2015 gerealiseerd. De jeugdzorg kan in twee delen opgedeeld worden: de specialistische jeugdhulp in de instellingen en in netwerken van ambulante jeugdhulp rond de wijkteams (FACT-teams), en de laagdrempelige jeugdzorg die veelal in de eigen woonomgeving plaatsvindt en bestaat uit basiszorg in de thuisomgeving en op school. De gemeente Barendrecht is voor beide verantwoordelijk.

De specialistische jeugdzorg is geregeld binnen de Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond. Dit maakt het mogelijk om deze hulp in te kopen en te kunnen garanderen dat een jeugdige in onze gemeente altijd opgevangen kan worden indien sprake is van crisis. Wachttijden dienen maximaal 14 weken te zijn, dit is de Treeknorm. Liever ziet D66 maximale wachttijden van 4-6 weken.

Voor D66 geldt: 1 kind, 1 plan, 1 regisseur binnen de gemeente, ook indien sprake is van specialistische jeugdhulp. De jeugdzorg waarbij geld leidend is, is gedoemd te mislukken. Binnen jeugdzorg onderscheiden we opvoedkundige en psychiatrische stoornissen. De laatstgenoemde stoornissen vragen veelal ook na het 18e levensjaar zorg.

Laagdrempelige jeugdzorg

Indien mogelijk dient een jeugdige te worden overgedragen naar laagdrempeliger zorg. Mogelijkheden om de jeugdige in de eigen omgeving van thuis te houden hebben voorkeur, zoals WebChair, Thuishulpteam of School2Care. Innovatie en vernieuwende projecten op het terrein van de jeugdzorg juicht D66 toe.

De laagdrempelige jeugdzorg vindt plaats vanuit de wijkteams, schoolmaatschappelijk werk en schoolzorgteam. Ook hier heeft de gemeente een belangrijke rol. In de wijkteams zijn jeugdmaatschappelijk werkenden, jeugdverpleegkundigen, schoolmaatschappelijk werkenden (enzovoort) werkzaam. Kennis en kunde van opvoedkundige problemen, en (psychiatrische) stoornissen zijn essentieel om zowel binnen PGB als ZIN de juiste zorg aan kinderen te kunnen verlenen. Het preferentiebeleid is zorg in natura, maar D66 vindt dit te beperkt. Vanuit de gedachtegang dat het kind centraal staat, kan een PGB voorkeur hebben boven ZIN.

Ouders waarbij de voorkeur gaat naar een PGB voor hun kind, dienen bekwaam te zijn in het houden van de administratie, naast de consequenties die een PGB heeft zoals het maken van een plan. Ondersteuning hierbij verruimt de mogelijkheden van kind en ouders om specifieke zorg te kunnen krijgen.

Overgang naar WLZ

De overgangssituatie van chronische aandoeningen of problematiek van 18- (Jeugdwet) naar 18+ (WLZ) verdient aandacht als het gaat om deze beter te laten verlopen. Gezien sommige problematiek zou een toewijzing van een WMO-voorziening, zoals huishoudelijke hulp- helpen om kind, ouders en andere gezinsleden te ondersteunen. De toekenning van een tijdelijke WMO-voorziening kan buiten de bestaande regels vallen, indien deze bijdraagt aan de zelfredzaamheid van gezinnen.

Voor de opzet van een onafhankelijk platform

Het opzetten van een onafhankelijk platform in Barendrecht tussen gemeente en ouders van kinderen met opvoedkundige en psychiatrische problematiek kan helpen om kennis te vergroten bij onder andere de wijkteams, de ouders die recent geconfronteerd worden met een kind met problemen, maar ook om onderzoek te doen naar de kwaliteit van de jeugdzorg.  Het organiseren van rondetafelbijeenkomsten tussen gemeente, zorgaanbieders, scholen, wijkagenten en ouders kunnen ervoor zorgen dat de partijen/betrokkenen elkaar versterken in goede zorg en aanpak van problemen bij kinderen in de gemeente.

Laatst gewijzigd op 22 november 2018